Stap voor stap door het model voor beeldende vorming

Jofkes Methode

1. Zijn

Vanuit die situatie waarin je nu verkeert, is er behoefte om te groeien. Om dit te kunnen doen laat je je inspireren door je omgeving

2. Inspireren

Je gaat ontdekken wat jij op dit moment de aandacht waard vindt. Zelf kies je hoe je dat gaat doen. Wil je ruiken, proeven, luisteren, voelen, kijken of misschien een combinatie van de zintuigen inzetten? Wat het ook wordt, je doet dat zonder al te veel nadenken.

Wanneer we dingen zien, horen, ruiken, proeven en voelen komen we vaak op ideeën. Als je een idee wilt uiten, is het handig om er een vorm aan te geven. Op dit moment hoef je nog niet te weten wat die vorm uiteindelijk zal worden. Je verzamelt je eerste ideeën door te brainstormen met behulp van een of meerdere woordspinnen en gaat experimenteren. Dit is het begin van je schepping.

3. Creëren

Omdat je aan het experimenteren, ben je al aan het creëren. Voor kunstenaars betekent dit: je maakt iets door er een vorm aan te geven. Je hoeft nog steeds niet na te denken over waar het heen zal gaan. Het is een ontdekkingstocht. Laat je maar verrassen!

Het bezig zijn met deze ontdekkingstocht zou je ook spelen kunnen noemen. Terwijl je aan het spelen bent, kom je achter bepaalde dingen. Je realiseert je wat je leuk vindt en wat je minder leuk vindt. Wat goed gelukt is en wat minder geslaagd is. Je komt tot ontdekkingen.

Maar realiseren betekent ook uitvoeren. Je staat nu voor een aantal keuzes:

  • Wat ga je uitvoeren?
  • Wat wil je presenteren?
  • Wat is de moeite waard om meer aandacht te geven?

4. Presenteren

Je wilt aan jezelf en misschien ook anderen laten zien wat je de aandacht waard vindt. Bedenk dan hoe jij dit het beste kunt uitvoeren. Je gaat namelijk iets communiceren. En als je voor jezelf niet duidelijk hebt wat je wilt, kun je het ook moeilijk overbrengen. Denk er dus goed over na wat je wilt vertellen, voordat je iets gaat presenteren. Misschien wil je verschillende dingen uitproberen om te ontdekken wat het beste werkt? Ga dan weer even terug naar stap 3.

Ineens ben je erachter wat het wordt:

  • een expositie van al je experimenten,
  • een lied over je ervaringen,
  • een toneelstuk waarin je een situatie uitlegt,
  • een schilderij van hetgeen je zo de moeite waard vindt of
  • een beeldhouwwerk, waarbij je vorm en structuur laat beleven.
  • Het kan van alles zijn, zelfs een boek over jouw persoonlijke ervaringen.

Nadat je je werk hebt gepresenteerd op de meest geschikte manier, ga je reflecteren . Jij en anderen hebben een mening over wat je gemaakt en gepresenteerd hebt. Jij trekt daar je eigen conclusies uit en dat brengt je weer bij 1, een nieuwe situatie.

Als je deze cirkel vaak genoeg herhaalt in je ontwikkeling of maakproces, dan kom je vanzelf tot verdieping van je werk.

Zoals je in het model terug kunt zien, is deze groei en ontwikkeling ook in de natuur aanwezig. Wij zijn schepsels van de natuur, dus lijkt het Jofke logisch om deze stroom te volgen en er niet te veel tegen in te gaan. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan, maar zeker het proberen waard.

Hoe je het model in de praktijk kunt toepassen lees je in het boek

Je zintuigen als inspiratie